Energiebelasting

De Regulerende energiebelasting (REB) is een in 1996 in Nederland ingevoerde heffing op het gebruik van elektriciteit en aardgas, geregeld in de Wet belastingen op milieugrondslag.

Deze belasting is ingevoerd als onderdeel van de vergroening van het belastingstelsel door de twee paarse kabinetten. De heffing is budgetneutraal ingevoerd, dat wil zeggen tegelijkertijd met de invoering van de REB zijn de inkomstenbelastingen met een bedrag gelijk aan de opbrengst van de REB verlaagd. Het doel van de REB is een efficiënt gebruik van energie te stimuleren.

In eerste instantie was groene stroom vrijgesteld van deze belasting. Buitenlandse producenten mochten vanwege EU-regels echter niet worden buitengesloten. Dit zorgde voor het weglekken van belastinggelden naar het buitenland. Per 1 juni 2004 is deze vrijstelling daarom opgevolgd door de Ministeriële regeling Milieukwaliteit Elektriciteitsproductie (MEP). De MEP is per 1 januari 2008 opgevolgd door de Stimuleringsregeling Duurzame Energie (SDE).

Voor aardgas gebruikt als voertuigbrandstof (CNG) is een speciaal (laag) tarief van toepassing.
De energiebelasting wordt geïnd door de energieleverancier, die deze belasting afdraagt aan de belastingdienst.